Onderstaand treft u de omschrijving aan van de belangrijkste beleggingsrisico’s die samenhangen met uw keuze voor een portefeuilleprofiel. U neemt een belangrijke beslissing met betrekking tot uw financiële toekomst. Daar moet u serieus tijd aan besteden. Daarom staan wij wat langer stil bij de basis waarop u uw keuzes gaat maken.

Bij de samenstelling van uw beleggingsportefeuille is uw individuele financiële situatie van groot belang. Daarnaast speelt de periode waarin u wilt beleggen en het doel dat u voor ogen heeft een grote rol bij het nemen van de juiste beslissing.

Rendement en risico

In de wereld van het beleggen geldt dat elke kans op rendement en inkomen ook een bepaald risico met zich meebrengt:

  • Als u uw geld bijvoorbeeld in een oude sok stopt, loopt u het risico dat u het kwijtraakt. Daarnaast wordt het geld door de inflatie jaarlijks minder waard.
  • Zet u het geld op een spaarrekening dan ontvangt u rente maar loopt u ook het risico dat de rente lager is dan de inflatie.
  • Bovendien loopt u risico wanneer de bank niet aan haar verplichtingen kan voldoen en het spaarsaldo inclusief nog uit te keren rente boven het door de staat gegarandeerde garantieniveau (€ 100.000 per persoon) komt (depositogarantiestelsel).

Zo is het ook met beleggen:

  • Als u geld belegt in aandelen dan kunt u op langere termijn mooie rendementen maken, maar u loopt wel het risico dat de aandelen (tijdelijk) fors in waarde dalen of dat het bedrijf waarin u investeert failliet gaat.
  • Als u belegt in (staats)obligaties dan zijn de waarde van de obligaties en de vastgestelde rente op de obligaties weliswaar redelijk veilig, maar ook dan loopt u het risico dat de obligaties door een verminderde vraag op de markt minder waard worden en u bij faillissement niet de volledige hoofdsom terugkrijgt.
  • Bij een belegging in vastgoed loopt u het risico dat het bezit niet verhuurd kan worden, terwijl de kosten voor onderhoud en financiering wel gewoon doorlopen.

Risico’s van beleggen

De voornaamste risico’s van beleggen zijn:

Bedrijfsrisico
Valutarisico
Inflatierisico
Renterisico
Debiteurenrisico
Koersrisico
Marktrisico
Liquiditeitsrisico
Waarderingsrisico

Bedrijfsrisico

Wanneer een onderneming failliet gaat wordt het aandeel van deze onderneming nagenoeg waardeloos. De koers gaat dan terug richting nul. Bovendien staan beleggers in aandelen achter in de rij bij de schuldeisers. Achter in deze rij valt in de praktijk veelal niets meer te halen.

Valutarisico

Het valutarisico is het risico dat u loopt op beleggingen in andere valuta dan de euro, bijvoorbeeld een belegging in Amerikaanse dollars. Wanneer de Amerikaanse dollar daalt ten opzichte van de euro, dan wordt deze belegging minder waard.

Het valutarisico kan direct of indirect zijn. Direct, wanneer u rechtstreeks belegt in buitenlandse valuta. Indirect wanneer u belegt in aandelen van bedrijven die te maken hebben met buitenlandse valuta.

Zo zijn veel beleggingen direct of indirect blootgesteld aan buitenlandse valuta. Royal Dutch Shell is bijvoorbeeld genoteerd in euro’s, maar de olie van het bedrijf wordt voor 100% in dollars verhandeld en afgerekend. Aangezien de dollar in de tijd flink op en neer beweegt en na verloop van tijd vaak weer op oude niveaus terugkomt, dekken wij het dollarrisico niet af. De hieraan verbonden kosten wegen niet op tegen het rendement.

Inflatierisico

Inflatie betekent dat de waarde van het geld achteruit gaat. Hoe hoger de inflatie hoe sneller de geldontwaarding. Aandelen en onroerend goed zijn redelijk bestand tegen inflatie, maar obligaties niet. Liquiditeiten zijn in de praktijk ook redelijk bestand tegen inflatie omdat de rente bij een stijgende inflatie doorgaans wordt verhoogd.

Renterisico

Het renterisico op obligaties werkt anders uit dan bij aandelen. Zo zal een obligatie in de regel in waarde dalen wanneer de rente stijgt. Dit risico wordt bepaald door twee factoren:

      1. De beweeglijkheid van de rente.
      2. De mate waarin de obligaties gevoelig zijn voor renteveranderingen.

De beweeglijkheid van de rente wordt gemeten met de standaarddeviatie. De rentegevoeligheid van de obligaties wordt gemeten met de duration. Bijvoorbeeld, een obligatie heeft een duration van 5. Wanneer de rente met 1% stijgt, dan daalt de waarde van deze obligatie met 5%.

Een stijgende rente is over het algemeen niet goed voor beleggers in aandelen. Een stijgende rente gaat vaak gepaard met een toenemende inflatieverwachting. Inflatie heeft doorgaans een drukkend effect op de winstmarges van bedrijven. Een stijgende rente en een gelijkblijvende inflatie kan beleggers weerhouden om in aandelen te gaan beleggen; sparen levert dan voldoende rendement.

Debiteurenrisico (kredietrisico)

Dit is het risico dat u niet kan worden terugbetaald. Uit hoofde van een belegging, bijvoorbeeld bij een obligatie, kunt u een vordering hebben op het bedrijf dat de obligatie uitgeeft. Dat bedrijf kan zijn schulden gaan saneren, waardoor de couponuitkering wordt uitgesteld of stopgezet, maar het bedrijf kan ook failliet gaan. Het debiteurenrisico wordt ook wel kredietrisico genoemd.

Koersrisico

Dit is het risico dat uw beleggingen minder waard worden. Door omstandigheden kan de koers een onverwachte en vaak ongewilde beweging maken. Dit kan de koers negatief beïnvloeden. De oorzaak is soms moeilijk te verklaren, het zijn de grillen van de markt. De koers wordt beïnvloed door bijvoorbeeld binnen- en buitenlandse economische ontwikkelingen en politieke factoren.

De hoogte van de koers van een aandeel is ook afhankelijk van de financiële prestaties en vooruitzichten van het bedrijf. Hoe hoger de economische prognoses, hoe hoger de groei in de resultaten van de onderneming en hoe hoger de waarde van het aandeel kan worden. Maar dit kan ook de andere kant op gaan; een verslechtering van de groeivooruitzichten kan een negatief effect hebben op de waarde van de onderneming waardoor de koers van het aandeel kan dalen.

Marktrisico

Dit is het risico dat de gehele beleggingsmarkt slechter gaat presteren. Dit kan een aantal oorzaken hebben. De beleggingsmarkt is onvoorspelbaar; emoties kunnen de overhand krijgen. Daar hebben we de afgelopen jaren al veel ervaring mee opgedaan. Als beleggers optimistisch zijn, dan zullen de koersen in de regel stijgen, maar als beleggers pessimistisch zijn, dan zullen de koersen in de regel dalen.

Liquiditeitsrisico

Door een verandering in vraag en aanbod van beleggingen kan een liquiditeitsrisico ontstaan, waardoor de koersen kunnen dalen. Het risico ontstaat dan dat een positie niet tegen een redelijke prijs kan worden verkocht.

Waarderingsrisico

De waarde van aandelen wordt mede bepaald door emoties op de markt en loopt niet altijd gelijk met de economische ontwikkelingen. Een voorbeeld was de internetbubbel. De waarderingen van (internet)aandelen waren toen bijzonder hoog zonder dat dit werd ondersteund door een spectaculaire economische ontwikkeling. Bubbels kunnen knappen, waardoor koersen fors onder druk komen te staan.

Wanneer u belegt in indextrackers worden de beleggingsrisico’s kleiner omdat u spreidt over meerdere aandelen en/of obligaties. Het beleggen in indextrackers kent wel meer specifieke risico’s:

  • De afwijking van de index (de indextracker kan enigszins afwijken van de onderliggende index)
  • Tegenpartijrisico (er kunnen effecten worden uitgeleend)
  • Fiscaal risico (wanneer de aanbieder van de indextracker buiten Nederland is gevestigd, wordt het dividend niet geheel doorgegeven aan de belegger omdat buitenlandse belastingdiensten een (klein) deel van het dividend inhouden)